Verlenging van de kleuterperiode

 

In de Wet op het Primair Onderwijs (WPO, 1985)) heeft de onderwijsinspectie vastgelegd dat een kind het recht heeft op een ononderbroken ontwikkeling en dat de basisschool doorlopen moet kunnen worden binnen acht jaar (WPO art.8, lid 7). Daarmee is de 

‘1 oktobergrens’ losgelaten en kan een kind in het jaar waarin hij/zij 6 jaar wordt, doorstromen naar groep 3. 

De specifieke ontwikkeling van een kind kan echter altijd een reden zijn om de doorstroming van groep 2 naar groep 3 nog even uit te stellen. 

Op Het Podium wordt de ‘1 oktobergrens’ niet meer strikt gehanteerd, maar worden de kinderen die in oktober-november-december 6 jaar worden allemaal individueel besproken.

Er wordt naar de ontwikkeling op alle ontwikkelingsgebieden gekeken: 

  • cognitieve ontwikkeling 
  • sociaal emotioneel functioneren 
  • zelfstandigheid/zelfredzaamheid 
  • werkhouding: concentratie/motivatie/taakgerichtheid 
  • motoriek 
  • niveau van spelen. 

Als er op meerdere ontwikkelingsgebieden sprake is van een ontwikkelingsachterstand, kan eventueel worden overgegaan tot verlenging van de kleuterperiode

 

Op Het Podium wordt een vast tijdpad gevolgd in het nemen van de beslissing over een eventuele verlenging van de kleuterperiode:

 

  • Bij twijfel over verlengen of niet, moet de groepsleerkracht voor de kerstvakantie met de intern begeleider in gesprek. De intern begeleider zal zich, indien noodzakelijk, verder verdiepen in de problematiek. 
  • In februari van het schooljaar worden de zorgen van school tijdens de 10 min.gesprekken met ouders gedeeld. In deze periode zijn de methode onafhankelijke toetsen afgenomen en zijn er leerling besprekingen geweest. De leerkracht heeft de zorgen m.b.t. de ontwikkeling van de betreffende leerling nogmaals besproken met de intern begeleider
  • Uiterlijk eind april moet er overleg zijn geweest tussen de leerkracht van groep 2, een leerkracht van groep 3 en de intern begeleider. Tijdens dit overleg bespreekt de leerkracht van groep 2 de ontwikkeling en de aandachtspunten met de leerkracht van groep 3 en de intern begeleider. Samen nemen zij de beslissing over eventuele verlenging.Indien mogelijk eind mei worden ouders op de hoogte gebracht.
  • Uiterlijk 4 weken voor het einde van het schooljaar worden ouders in een gesprek op de hoogte gebracht van het besluit tot verlengen. De uiteindelijke beslissing over een verlenging ligt bij school. 

 

Doubleren groep 3-8

Ondanks bovengenoemde Wet op het Primair Onderwijs waarin is vastgelegd dat zittenblijven in principe niet meer voorkomt, is dat niet de dagelijkse praktijk. Nog steeds doubleert landelijk gezien jaarlijks zo’n 2% van de basisschoolleerlingen. De beslissing om een leerling al dan niet te laten doubleren wordt door veel leerkrachten ervaren als een hele zware. Voor een kind neem je de zware beslissing dat het vanaf dat moment niet meer bij leeftijdsgenoten in de groep zal zitten en ook voor ouders is vaak de teleurstelling groot. Kortom: alle reden om zeer zorgvuldig de criteria te hanteren en de procedures te volgen. In dit beleidsstuk zetten we de bestaande afspraken rondom doubleren op een rijtje:

  • Wanneer laten we een kind zitten?
  • Wie beslissen over een doublure?
  • Welke rol spelen ouders bij de doublure?
  • Hoe is de procedure?

 

Waarom zouden we een kind eigenlijk laten zitten?

   We laten een kind zitten omdat het een dusdanige achterstand op klasgenoten heeft dat het – met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid – weinig zin heeft om hem/haar naar de volgende groep te laten gaan.

 

Wanneer precies laten we een kind zitten?

   Een kind blijft alleen zitten als:

  • er een achterstand op meerdere ontwikkelingsgebieden en,
  • de verwachting is dat door een doublure de achterstanden worden ingelopen en
  • de verwachting is dat de leerling in de rest van de schoolperiode mee kan doen met het reguliere programma van de (nieuwe) groep. 

 

Er zijn verschillende factoren van belang bij de beslissing:

  • sociaal-emotionele ontwikkeling van de leerling: past de leerling qua sociaal-emotioneel functioneren in de jaargroep waarin hij/zij na de doublure terecht komt (hetzelfde belevingsniveau)
  • hoe staan de ouders tegenover een mogelijke doublure?
  • in welke groep komt de leerling na eventuele doublure (groepsgrootte; eventuele problematiek)
  • bij welke leerkracht komt de leerling na eventuele doublure?

 

De antwoorden op deze vragen zijn mede bepalend voor het succes (de meerwaarde) van de doublure

 

Wie beslissen over de doublure?

   De beslissing kan nooit door één groepsleerkracht genomen worden. In ieder geval moet de intern begeleider betrokken zijn en de leerkracht van het voorgaande leerjaar. Deze 3 betrokkenen moeten bij voorkeur consensus bereiken. Indien dat niet lukt, wordt de case voorgelegd aan het IB/directie-overleg

 

Welke rol spelen ouders bij de doublure?

   In principe spelen ouders géén rol bij de beslissing om een leerling al dan niet te laten doubleren. Een doublure is een schoolbeslissing. Naar ouders toe handelen we echter met grote zorgvuldigheid wat betreft het aankondigen van de beslissing, de motivatie van het besluit en de uiteindelijke mededeling hiervan. 

 

Hoe is de procedure?

  • Bij twijfel over doubleren of niet, moet de groepsleerkracht voor de kerstvakantie met de intern begeleider in gesprek. De intern begeleider zal zich, indien noodzakelijk, verder verdiepen in de problematiek. Indien wenselijk zal daar ook de leerkracht van het vorige leerjaar bij betrokken worden.
  • Vóór de 10 min.gesprekken van februari moet de schoolmening helder zijn. Dat kan een eenduidig JA doubleren of NEE doubleren zijn of een verdere twijfel.
  • De schoolmening wordt tijdens de 10 min.gesprekken met ouders besproken. Intern begeleider en directie houden hierbij een vinger aan de pols
  • Indien er op dat moment nog twijfel bestaat over de noodzaak en meerwaarde van de doublure wordt aan ouders gemeld welke stappen nog gezet zullen worden om de twijfel weg te nemen en ook wanneer de uiteindelijke beslissing genomen zal worden.
  • De beslissing moet uiterlijk 4 weken voor het einde van het schooljaar worden genomen en aan de ouders worden meegedeeld. 
  • In uitzonderlijke gevallen kan op initiatief van de school van deze procedure worden afgeweken, dit gebeurt altijd in samenspraak met ouders.

 

NB: 

Omdat de ontwikkeling van kinderen in groep 3 in sprongen verloopt, kan het zijn dat we hier afwijken van bovenstaand tijdpad. Ervaring leert ons dat een aantal kinderen tot de voorjaarsvakantie prima mee kan komen (goede score toetsen). Na deze periode wordt de leerstof moeilijker en gaat het tempo omhoog. Sommige kinderen kunnen vanaf dit moment niet meer meekomen.

 

Vervroegde doorstroming 

Voor leerlingen met een zodanige ontwikkelingsvoorsprong en voor wie het onderwijsaanbod in de huidige groep onvoldoende uitdaging biedt, kan versnellen een overweging waard zijn.

Het besluit tot vervroegde doorstroming wordt niet over één nacht ijs genomen. Het gaat om een gezamenlijk besluit van huidige groepsleerkracht, de toekomstige groepsleerkracht en de Intern Begeleider. Opvattingen van de ouders en leerling beïnvloeden dit besluit.

 

Het team van Het Podium heeft de volgende criteria voor een eventuele versnelling opgesteld:

  • op alle vakgebieden CITO-scores op A of A+-niveau
  • IQ naar vermoeden op begaafd niveau (vergoeding van eventueel onderzoek in overleg)
  • een voorsprong van een jaar op meerdere vakgebieden
  • leeftijd van de leerling kan een rol spelen
  • versnellen uiterlijk van eind groep 5 naar begin groep 7; daarna is versnellen niet wenselijk
  • versnellen bij voorkeur na de zomervakantie, aan de start van het nieuwe jaar
  • bij twijfel van school zal er geen versnelling plaatsvinden

 

De volgende stappen moeten dan gezet worden:

  • eerst zoveel mogelijk in de groep compacten / verdiepen / verrijken 
  • doortoetsen om vast te stellen op welk niveau de betreffende leerling functioneert
  • ontwikkeling op alle ontwikkelingsgebieden wordt bekeken: cognitief – sociaal emotioneel werkhouding/motivatie/zelfstandigheid – motoriek
  • de leerkracht vult een signaleringslijst in: De Versnellingswenselijkheidslijst (Hoogeveen, Hell & Verhoeven, 2004)
  • de leerling en ouders moeten bij het versnellingstraject betrokken worden 
  • vaststellen van functioneren en welbevinden van de leerling in de huidige groep
  • vaststellen van de ontwikkeling van de leerling in de huidige groep
  • het besluit wordt gezamenlijk genomen door de huidige groepsleerkracht en de Intern Begeleider en indien mogelijk de toekomstige groepsleerkracht. Opvattingen van de ouders en de leerling beïnvloeden dit besluit. In de praktijk blijkt dat als één van de betrokken partijen zich niet kan vinden in de beslissing de kans op succes twijfelachtig is (Drent & van Gerven, 2012)
  • om te voorkomen dat er kennishiaten ontstaan wordt de leerstof van de groep die overgeslagen wordt compact aangeboden in de huidige groep
  • inplannen evaluatiemomenten met leerling – ouders – leerkracht – IB-er na versnelling